Wachtgeld, vangnet of springplank?

wachtgeldWachtgeld, het blijft een gevoelig thema. Alleen al het woord ‘wachtgeld’ bezit een nare bijsmaak. Het wekt de indruk dat men thuis maar zit te wachten terwijl de euro’s vanzelf binnenstromen. Maar omdat er voor bestuurders geen WW is, moet je wachtgeld  beschouwen als een vervanger voor de WW-regeling.

Wachtgeld tot aan het pensioen

Maar de opvatting dat wachtgeld als substituut voor de ww-regeling geldt, gaat maar tot op zekere hoogte op. Tot 2016 gold voor oud-bestuurders immers een aanmerkelijk gunstiger regeling. Zo kon men onder voorwaarden zelfs tot aan z’n pensioen wachtgeld ontvangen. Maar feit is, dat men de regeling in de afgelopen jaren steeds verder versoberd heeft. En voor voormalige bestuurders, ook die uit de oude regeling, geldt een sollicitatieplicht. Of zoals een bewindsman het uitdrukt: “wachtgeld behoort een vangnet te zijn, geen hangmat.”

Sollicitatieplicht

Het zijn de uitwassen uit het verleden die het begrip wachtgeld een slechte reputatie bezorgden. Veel voormalige bestuurders “scoren” her en der nog een interimopdracht en zitten er warmpjes bij. Er geldt weliswaar een sollicitatieplicht maar het vinden van nieuw werk niet altijd eenvoudig. “De politiek” heeft niet bepaald een goed imago. Ooit was het een pré als je als voormalig bestuurder bij een bedrijf aanklopte. Tegenwoordig beschouwt men je al gauw als “iemand met een vlekje”.

Wachtgeldregeling versus ww-regeling

Het fenomeen wachtgeld bezit voor velen de reputatie van graaiersregeling. Toch is de wachtgeldregeling anno 2016 niet wezenlijk beter dan de reguliere ww-regeling. En duizenden burgers in Nederland krijgen zo’n ww-uitkering. Die zetten we toch ook niet allemaal te kijk als profiteurs. Ieder van ons wil liefst zo vlug mogelijk weer aan de slag als hij zijn baan kwijtraakt. Maar voor degenen die daar niet in slagen, moet er wel een deugdelijk vangnet zijn.

Geen ontslagbescherming voor bestuurders

Als bestuurder ken je geen ontslagbescherming. Het ontslag van een particuliere werknemer verloopt via de rechter.  Bewindslieden daarentegen (ook wethouders) kan men van het een op het andere moment naar huis sturen. Al vaker is gepleit voor een speciale regeling onder werkgevers voor medewerkers die wethouder willen worden. Zoiets als een terugkeergarantie derhalve. Sommigen vinden een regeling, waarbij voormalige bestuurders evenals als reguliere WW’ ers maximaal 38 maanden wachtgeld ontvangen,  veel te mager. Ook die beroepsgroep telt immers mensen met een gezin en een hypotheek.

Wachtgeld van Kamerleden

Kamerleden kunnen na hun vertrek aanspraak maken op maximaal drie jaar en twee maanden wachtgeld, even lang als de WW voor “normale” werknemers. Anno 2016 verdienen kamerleden 7.705,12 euro bruto per maand. In het eerste jaar ontvangt men 80% van dat bedrag, daarna 70%.

In 2016 was er de nodige commotie over het vrijwillige vertrek van D66-kamerlid Hachchi . Her en der staken de geluiden voor afschaffing van de wachtgeldregeling de kop weer op. Waarom zouden politici immers een ruimere regeling moeten hebben? Particuliere werknemers die vrijwillig ontslag nemen, hebben ook geen recht op een WW-uitkering.

Afschaffen van wachtgeldregeling

Afschaffing van de wachtgeldregeling in zijn huidige vorm kent ook zijn nadelen. Ongemotiveerde en/of slecht functionerende bestuurders, blijven nodeloos lang op het pluche zitten. Want bij vertrek kan men in financiële problemen raken. Feit is dat de wachtgeldregeling geldt als springplank naar een nieuwe uitdaging. Iets wat de burger zo min mogelijk geld moet kosten. En het springen uit een hangmat is uiteraard geen sinecure.