Bankgeheim EU behoort tot verleden

bankgeheimMet Oostenrijk en Luxemburg besloten in 2014 ook de laatste twee EU-lidstaten om het bankgeheim voor buitenlanders af te schaffen. Dat betekende de genadeslag voor het ‘bankgeheim EU’.

Bankgeheim EU definitief afgeschaft

Na een lange periode van weerstand gingen Luxemburg en Oostenrijk in maart 2014 als laatste EU-lidstaten overstag. Ze hielden tot dan op rente-inkomsten wel bronbelasting in. Maar men ging uiteindelijk toch akkoord met uitgebreide informatie-uitwisseling tussen de lidstaten over de rente-inkomsten uit spaargelden.  “Afschaffing van het bankgeheim EU  is voor de lidstaten essentieel om beter te kunnen optreden tegen belastingfraude en belastingontduiking“. Zo verwelkomde voorzitter EU-Raad Herman Van Rompuy destijds de beslissing.




Automatische gegevensuitwisseling belastingdiensten

Daarmee verscherpte de EU dus op cruciale wijze de strijd tegen belastingontduikers. Vanaf toen wisselen belastingautoriteiten van alle 28 lidstaten informatie met elkaar uit over de inkomsten van alle EU-burgers. Voor een goed begrip: het gaat over inkomsten van de meest uiteenlopende aard. De Nederlandse belastingdienst ontvangt dus automatisch gegevens over inkomens verdiend door Nederlanders met een rekening in een ander EU-land. De aanscherping van de tot dan geldende EU-regels, betekent praktisch het einde van het bankgeheim in de EU.

Uitwisseling fiscale gegevens wordt de standaard

EU-landen lopen als gevolg van belastingontduiking volgens Brussel elk jaar een biljoen euro mis. Op internationaal niveau is automatische gegevensuitwisseling in de strijd tegen belastingontduiking meer en meer de standaard. Eigenlijk had volledige openbaarmaking van alle soorten inkomsten in de EU, al eind 2013 een feit moeten zijn. Maar Luxemburg en Oostenrijk verweerden zich lang daartegen. En dat ondanks alle druk van andere lidstaten om hun bankgeheim ingrijpend te versoepelen.




Vergelijkbare belastingverdragen met niet EU-landen

Oostenrijk en Luxemburg lokten buitenlanders met lage belastingtarieven. En ze wilden ook hun bankgeheim beschermen. Ze vreesden anders een nadelige concurrentiepositie met andere Europese financiële centra. Men wilde pas onder één voorwaarde akkoord gaan met de strengere regels.  De EU moest ook met niet-EU-landen soortgelijke overeenkomsten voor uitwisseling van belastinggegevens sluiten. Daarbij ging het om landen als:

  • Zwitserland;
  • Liechtenstein;
  • Andorra;
  • Monaco;
  • San Marino.