Een bankrun voorkomen, maar hoe?

In Griekenland gonsde het in 2012 van berichten over een bankrun. Om een kettingreactie en financiële ramp te voorkomen moest Europa handelen.

Bankrun, financiële catastrofe voor Europa

Vanaf medio mei 2012 zong er in financiële kringen een onheilspellend woord rond, beginnend met de letter “B”: de bankrun:

  • spaarders hadden in Griekenland in nauwelijks enkele dagen tijd bijna een miljard euro van hun spaarrekeningen gehaald;
  • en ook in Spanje was men bevreesd voor een bankrun. En daarmee de totale ineenstorting van het bankwezen.

Redenen genoeg dus om de risico’s serieus te nemen. Alles moest Europ in het werk stellen om een bankrun te voorkomen. Om zo’n kettingreactie in meerdere Europese landen te voorkomen, moesten Europese beleidsmakers acuut handelen. Daarbij moesten ze de financieringsfaciliteiten van het Europees Financieel Stabiliteitsfonds EFSF (European Financial Stability Facility) inzetten. Anders was de grootste financiële ramp uit het bestaan van de Europese Unie niet meer te voorkomen.

Hoe ontstaat een bankrun en hoe is die te voorkomen?

Een bankrun, vrij vertaald ‘stormloop op de bank’, is een paniekreactie die desondanks enigszins rationeel is. Wie geld op de bank heeft, weet dat het veilig is om dat geld daar te laten liggen. In geen geval moet je de stabiliteit van de bank in gevaar brengen. Meestal werkt dat ook uitstekend. Een situatie die theoretici als het “coöperatiebeginsel” omschrijven.

Sommige voorvallen echter, zoals een mogelijk faillissement van de bank, kan het coöperatiebeginsel in elkaar laten storten.  Het vertrouwen verdwijnt dat andere rekeninghouders ook verstandig handelen en hun geld bij de bank laten. Rationeel handelen betekent dan, dat jij jouw bankrekening eveneens leeghaalt.  In ieder geval voordat de bank een tekort aan liquide middelen heeft om te kunnen uitbetalen. Het resultaat: het komt tot een stormloop op de bank. De alom gevreesde bankrun is een feit.

Geen enkele bank kan een bankrun overleven

Het laatste sprekende voorbeeld van een bankrun betrof Northern Rock in het Verenigd Koninkrijk. Dat was in september 2007. Hoe dramatisch dergelijk “kuddegedrag” is, manifesteerde zich bij Northern Rock overduidelijk. Het Britse Ministerie van Financiën en de Centrale Bank garandeerden de spaargelden. Toch konden zij de bankrun niet stoppen.  Onmiddellijk na de bankrun kwam het tot een nationalisatie van de bank.

Waarom zijn banken kwetsbaar voor een bankrun?

Banken zijn kwetsbaar voor een bankrun omdat hun verplichtingen (passiva) grotendeels deel bestaan uit direct opvraagbare tegoeden. De andere zijde van de balans, de activa, bestaat slechts voor een klein deel uit liquide middelen. Het gros van de activa betreft leningen met uiteenlopende looptijden. Die kan men niet onmiddellijk beëindigen. Dat is geen constructiefout binnen het bankwezen. Het vormt het basisconcept van banken als financiële tussenpersonen.

Hoe een bankrun vermijden?

De eenvoudigste manier om een bankrun te vermijden is een bedachtzaam economisch beleid. Dat moet geen aanleiding geven tot “paniek-triggers”. In tijden van crisis echter, is dat moeilijk of welhaast onmogelijk.

Zodra men openlijk praatte over terugtrekking van Griekenland uit de eurozone, was er sprake van een op handen zijnde bankrun. Helaas bij alle Griekse banken en niet slechts bij enkele individuele instellingen. Normaal gesproken grijpt de overheid dan in en garandeert alle deposito’s.

Maar acties van de Griekse overgangsregering zouden bij spaarders geen indruk maken. Daarom was een garantie waarschijnlijk nutteloos. Overigens kon de Griekse regering het zich niet kan veroorloven om alle spaartegoeden uit te betalen .

Europa moest Griekse spaargelden garanderen

Waarschijnlijk was daarom weer het moment van de “reddingsschermen” aangebroken. Het Europees Financieel Stabiliteitsfonds moest de deposito’s bij Griekse banken garanderen. Alleen zo kon men een algehele bankrun voorkomen. Want komt het eenmaal tot een bankrun, dan is alles verloren: kredieten, garanties en alle opgelegde versoberingen bij de Grieken.